Als mediator hoor je dat niet hardop te zeggen. Toch is het zo.
Het beeld dat ik ooit meekreeg was van de mediator die er onbewogen bij zit en alles bij partijen laat. Als een magistraat. Ik doe misschien wel het omgekeerde. Ik zet mezelf vol in, en ik weet inmiddels: als mijn antennes uitslaan, gaat er aan tafel minstens één iemand ook tegen het dak.
De vraag die laatst in een training voorbij kwam was “wil je leuk gevonden worden, of wil je effectief zijn?” Ik vind het een vals dilemma.
Waar vertrouwen ontstaat
Vertrouwen bouw je niet op aan de gezamenlijke tafel. Daar heb ik mijn neutraliteit nodig, en die wil ik daar zichtbaar houden. Ik bouw vertrouwen op in één-op-één gesprekken. Daar is ruimte om iemand echt te ontmoeten.
Dus als iemand vertelt dat hij re-integreert als chef-kok en dat ingewikkeld vindt, deel ik dat mijn zwager chef-kok is op Texel, en vraag ik of mise-en-place misschien een startpunt is. Het maakt het persoonlijk; het vertrouwen in mij als professional groeit wanneer ik mezelf inbreng.
Wat daarna gebeurt
Wat daarna gebeurt is waar het om draait. Iemand die zich in dat ene gesprek gezien heeft gevoeld, neemt in het gezamenlijke gesprek veel meer van mij aan. Juist (!) wanneer ik iets overbreng namens de ander. Dezelfde boodschap die rechtstreeks niet zou landen, landt via mij wel.
Dat is invloed, en daar ligt een grote verantwoordelijkheid. Dit moet namelijk twee kanten op werken. Rapport met slechts één partij is een groot risico. Pas wanneer beide allebei het gevoel hebben dat ik dichtbij sta, kan ik iets betekenen in het midden.
Dus ja, ik wil leuk gevonden worden. Het opent voor mij de deur naar die dingen waar het echt over gaat. Zonder echte toegang ben ik alleen die keurige procesbegeleider die netjes alle stappen doorloopt en de helft van de oplossingen niet opmerkt. En dat zou doodzonde zijn.
Speelt er iets in jouw organisatie of team waar een gesprek bij zou helpen? Een kort telefoontje is vaak genoeg om te bepalen wat passend is. Neem contact op →